Stories / Verhaaltjes

MIJN STOK

Het getik van zijn stok klinkt mij vers in de oren. Bijna elke dag, om klokslag zeven uur, marcheert langs onze villa in Ottawa een oudere heer. Zijn zware, donkerblauwe mantel en heldere, scherpe ogen schetsen een duidelijk, statig beeld van hem. Het is zonder twijfel een man van principe, een man met connecties en gezag. Vorig jaar, in het hart van de winter, hoorde ik op een dag, nota bene in de villa, een doffe dreun. Met grote spoed begaf ik mij in de richting vanwaar ik meende dat die dreun gekomen was en midden op het trottoir lag deze heer. Hij was uitgegleden en neergesmakt. Enige flinke stappen verderop lag zijn stok. Nadat ik hem weer in het zadel geholpen had, hadden wij een kort gesprek. Dankbaarheid straalde van zijn gezicht en met glinsterende ogen, waaruit enige zelfspot zich openbaarde, zei hij, alvorens zijn wandeling te vervolgen: “Toen ik viel en op het trottoir belandde, maakte ik mij zorgen over mijn al jaren overbodige, oude vriend - mijn stok. Hij staat altijd geduldig voor mij klaar en klaagt bovendien nooit! Zou ik hem dan zomaar in het voorportaal laten staan?” Dit kwam op mij wel wat vreemd ... tamelijk excentrische over, daar het mij eerst juist zo’n nuchtere heer scheen te zijn. In die laatste gedachte werd ik echter gelukkig weer gesterkt toen ik, de volgende dag, tussen mijn post een keurig met de hand geschreven briefje van hem aantrof ... “met dank voor de door u geboden hulp” ...

--

Jaren geleden, ben ik eens met spoed naar een ziekenhuis gebracht, daar ik mij bepaald niet goed voelde. Snel bleek dat ik een verstopte hartader had en zodoende terstond moest worden gedotterd. De procedure verliep vlot en was een groot succes. Sindsdien heb ik wel dagelijks de nodige medicijnen ingenomen - voor cholesterol, etc.. Recentelijk bracht ik een bezoek aan mijn huisarts en vroeg haar of dat opnieuw bekeken zou kunnen en moeten worden. De dokter willigde mijn verzoek in, besloot mijn algemene conditie in kaart te brengen en maakte voor mij een afspraak voor een consult met mijn cardioloog. Tot mijn tevredenheid vernam ik van hem dat de uitslag gunstig was en dat bepaalde medicijnen afgebouwd konden worden. Toen ik diezelfde dag voor het avondeten aan de tafel zat, zag ik mijn doosje met medicijnen staan, die ik gedurende meer dan vijf jaar geslikt had. Mijn gedachten namen prompt een vlucht in spiegelende wolken van weemoed en ...: ... waarom zou ik ze laten staan? ... misschien morgen ... of overmorgen ... we zullen wel zien.   ... een “overbodige, oude vriend” ... “wel wat vreemd ... tamelijk excentrisch” ... “- mijn stok.”

Matthijs van Gaalen Sr.
Mount Brydges, donderdag, 17 december 2015

GO TO INDEX

 

THE BELLS ARE CALLING

It is November 11th

The bells are calling

Not for joy

The bells are calling

To wake us up, stir our memory, and to warn us

The bells are calling

All of us to places we can not walk by, sail around or fly over

The bells are calling

We hear the moans ... the pain

The bells are calling

We see and touch the tears, the wounded and fallen

The bells are calling

For this is the place were trails of footsteps ended ... and dreams died

The bells are calling

We look around ... here we stand ... on holy ground

The bells are calling

Summoning us to stay and pray ... till the darkness is taken away

The bells are calling

Matthijs van Gaalen Sr.
Mount Brydges, vrijdag, 17 oktober 2014

GO TO INDEX

 

KIJK !

Beste Mevrouw L.......,

Daar sta ik dan met de knop van de deur in mijn hand ...

 

De eerste dag van een nieuwjaar is voor u begonnen.

Wat die brengen zal weet u niet, ik niet en ... niemand.

Wij leven, in zekere zin, allen in een wereld met verrassingen - draaien, kolken.

Sommige mensen geloven, terwijl andere weten ... maar meer ook niet.

Er is een kans om er iets van te proberen te maken - te geven, te nemen, zelf, een ander.

Hoe de rivier van ons leven ook suist, stroomt of strompelt, toch komt die massa druppels ergens terecht.

Een voor een duiken zij over de drempel.

Wie zal hen daarachter wegen?

Lucht of licht?

Laten we eerst nog maar even lekker koffiedrinken.

 

Daar sta ik dan met de knop van de deur in mijn hand ...

... Ik kom, gezellig, gefeliciteerd, maar ... kijk!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mount Brydges, dinsdag, 15 april 2014

GO TO INDEX

 

WHAT WE SAW

President John Fitzgerald Kennedy (May 29, 1917 - November 22, 1963) was more than a big brother. He was basically shy, young, energetic, a sportsman, smart, educated, open-minded, philosophical, well-mannered, cultured, approachable, warm, photogenic, Prince Charming, positive, fun-loving, caring, fatherly, forgivingly adorably flawed, essentially good, religious and free, liberal and conservative, articulate, convincing, decisive, a statesman, a man with direction, a visionary, and ... the future.

President Kennedy was, in a way, neither male nor female for he somehow represented all of humanity. He was the ideal image - our projection - of what we like to see in a mirror when we are standing in front of it. President Kennedy was us ... was I!

He was a modern day Moses, who would lead us from an era of darkness to light - from the edge of the wilderness of deep troubles and unimaginable evil wars, by a most adventurous path through the sky, to the moon ... yes, to the very doors of the lush and peaceful gardens of paradise itself!

That is ... what we saw ... before ... with deafening hammer blows and totally blinding bolts of lightning ... bullets were fired.

Matthijs van Gaalen Sr.
Mount Brydges, maandag, 28 october 2013

GO TO INDEX

 

WAAR IS IEDEREEN ?

Laatst stond ik met mijn zoontje bij een grote, woeste plas, waar hij broodkruimels in gooide. De broodkruimels dobberden in het rond en dreven geleidelijk aan in alle richtingen weg. In mijn gedachten, zei ik tegen mijn zoontje: "Zie, zo gaat het vaak, over de jaren, met families ook. De één gaat hierheen en een ander daarheen. Velen verdwijnen vlak voor onze voeten onder de golven en sommigen gaan ver weg over de rand." Terwijl wij daar zo stonden, riep ik luidkeels: "Waar is iedereen?" Tot mijn verbazing kwam er geen enkel antwoord en plots sloeg een vorm van paniek hard toe - ik begreep dat ik ook ergens, op een erg eenzame plek, ronddobberde. Héél even meende ik, vreemd genoeg, te horen: "Waar is iedereen?" De stilte verstomde echter alles - het was daar woest en ledig in mijn gedachten.

Matthijs van Gaalen Sr.
Mount Brydges, zaterdag, 18 september 2010

GO TO INDEX

 

LICHT

Als kind vond ik het prachtig wanneer de rook van een uitgeblazen kaars snel en statig rees om dan, in allerlei grijze, trage onsamenhangende, sprookjesachtige slingers wat te dwarrelen.

Na de dood van mensen wordt er vaak evenzo gedacht. Het overlijdensproces heeft immers ook een dromerige, fascinerende, magische kant. Het is alsof de geest van de overledene nog een tijdje, tot in de verste hoeken van onze wereld, blijft rondhangen.

Maar hoe tragisch, indrukwekkend of bekoorlijk die laatste momenten mogen zijn, toch gaat het bij een kaars voor alles om licht, en ja, dan graag wel puur, warm en sfeervol. Bij mensen is dit niet anders. Voordat iemands kaarsje uitgeblazen wordt - soms tergend langszaam, maar vaak zo abrupt - is er dat leven ... even ... een leven.

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, dinsdag, 11 mei 2010

GO TO INDEX

 

KINDEREN

Gisteren kwam een buurman zijn drie dochtertjes, Wilma, Ans en Elsje, ophalen die met Lize, onze jongste dochter, aan het spelen waren. Jacqueline, een oudere zuster van Lize, was met haar moeder naar het ziekenhuis gegaan omdat zij een duim op school bezeerd had met basketbal. De buurman vertelde dat hij jaren geleden, tijdens het skien, een duim gebroken had. Hij had zich aan iets gestoten en toen hij uren later zijn handschoenen uitdeed, om een kopje koffie te drinken, zag hij dat hij maar beter naar het ziekenhuis kon gaan. Terwijl hij zo zijn relaas deed, luisterde Elsje (5 jr.) aandachtig en vroeg, toen haar vader uitgesproken was: "Heeft u die koffie nog opgedronken, Papa?"

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, zaterdag, 30 januari 2010

GO TO INDEX

 

GATSBY

Sitting on my porch
Looking across my lawn
I see Gatsby’s house
All day and from dusk to dawn

I sometimes see him
Starring across the bay
Then he’s gone
Until the next day

He throws huge parties
Every other week,
He just wanders around
Looking for whom he seeks

At one of those parties I met him
I searched for him high and low
He sounded ambitions
His smile seemed to glow

We talked of his past
How he had gone off to war
Educated at Oxford
I learnt, of him, more and more

One day Jordan Baker came around
She told me Gatsby wanted to meet Daisy
I heard of love they had shared
I found out it was all crazy

Nevertheless, I invited Daisy to tea
The time was set for four o’clock
She came inside and sat herself down
Then at the front door came a knock

Gatsby stood there in the rain
So I invited him in without delay
They talked for a while
Forgetting the tea on the tray.

We then went to Gatsby’s house
It was an amazing sight
That afternoon I saw the truth
He himself was truly Gatsby’s might

He was careful and charming
The smile caught ones eye
His stride was wide and his face was sure
But all the while his heart seemed to die

He was caring and cruel
With his wealth came the laughter
That never reached his lips
For one reason that I would find out after.

His love for Daisy never withered
For five years he’d missed her
Planning and growing in wealth
Everything he made of himself was only to get her

He knew how it should go
Impossibilities were possible
The past was not past
The future was changeable

His belief in possibilities
Gave him his wealth
But ignorance
Made him lose his love and his health

He was a man of ambition,
Of principle and strength
He dreamt of possibilities
But at length....
Puff and smoke say it with coke!

Matthijs van Gaalen Jr.
Mt. Brydges, Sunday, 28 november 2004

GO TO INDEX

 

DE SPIEGEL

U kent mogelijk mijn vriend de schrijver, toch zal ik hem bij naam niet noemen. Hij vertelde mij:
"Niet zo lang geleden nam ik een prijs in ontvangst voor een van mijn boeken. Door deze en gene werd ik toegesproken. Aan de lovende woorden kwam geen eind. Op een afwezig moment, dacht ik, voor die kerel moet ik ook klappen en begon nota bene ... . Toen ik het me een seconde later realiseerde, moest ik om het voorval hard lachen!
Een paar dagen nadien ontving ik een briefje. Geachte heer ..., Bij deze schrijf ik u wat mij al jaren dwarszit. De meeste mensen kijken op een geschikt moment in een spiegel om slechts zichzelf te zien. De "spiegel" van schrijvers is niet van glas en zilver, hij is van papier en inkt. Zij willen niet slechts zichzelf zien, maar vinden dat zij door velen aanschouwd moeten worden. Meneer ..., het spijt me dat het zo is, maar uw soort is heel arrogant!"
Sprakeloos stond ik naast mijn vriend op de stoep. Het was stil - doodstil, geen lovende woorden, geen applaus - en geen geschikt moment ...... voor een spiegel!


Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, zondag, 28 september 2003

GO TO INDEX

 

YOU ARE NOT SUPPOSED TO ASK FOR ...

At the cash register, a little boy was standing beside his elderly grandfather. While he pointed, with his small finger, at some candy, he said seriously: "Grandfather, I think that I will like this one." !!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, maandag, 4 december 1995

GO TO INDEX

 

DE SCHRIJVER

Jaren geleden ontmoette ik een oude schrijver, die mij uitnodigde om eens op bezoek to komen. Op een zekere middag klopte ik aan zijn deur en werd prompt binnengelaten. In zijn studeerkamer zag ik, in een eikenhouten kast, al de boeken van de schrijver's hand. Het maakte diepe indruk op mij! Naast een oude schrijfmachine lagen ook nog eens stapels papier op de vloer! Waren het ongepubliceerde werken? De oude man strompelde het kamertje in, begroette mij en ging tegenover mij in zijn stoel zitten. Na wat heen en weer gepraat, vroeg ik hem of hij soms ergens spijt van had - doelende op een ongeschreven werk. De schijver zuchtte eens diep, dacht na, "keek" in een glaasje en zei: "Ja ... , ik heb teveel geschreven. Het doel van het schrijven is in te spelen op de verbeeldingskracht van de lezer. Als ik het over kon doen, dan zou ik slechts één groot verhaal schrijven. Het komt overeen met een enorme afdruk van een rechterpoot in gesteente. Er is er slechts één, geen teken van komen ... noch van gaan, er zijn ontelbare vragen ... maar geen antwoorden, en het - die ene afdruk - werkt eindeloos in op de verbeeldingskracht. Ik heb me, daarentegen, dus weggeschreven!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, vrijdag, 5 september 2003

GO TO INDEX

 

ZO LEKKER

Een heel jong meisje zat op de knieen van haar opa en keek verlangend naar een zuurstok die uit grootvader's jasje stak. Voorzichtig gingen de kleine vingertjes naar het lekkers, maar ze werden snel teruggetrokken zodra opa zijn hoofd maar iets naar haar toe draaide. Opa speelde zijn rol erg goed. Natuurlijk wist hij waar het kind zo verlangend naar zat te kijken. Hij was immers ook jong geweest en realiseerde zich dat de zuurstok aan smaak zou winnen naarmate de "strijd" er voor zwaarder zou zijn. Doelbewust bewoog hij dan ook af en toe zijn hoofd en keer op keer slaagde hij in zijn opzet - de vingertjes glipten als visjes weg. Na verloop van tijd, als een donderslag bij heldere hemel, zei hij enigszins nors: "Ik weet wat je hebben wilt!" De schrik sloeg het arme kind om het hart, haar wangetjes werden wat rood en met een bezorgde blik keek zij naar haar grootvader. Spoedig ebde de spanning weg toen opa de zuurstok uit zijn jasje haalde en aan haar gaf. "Zo moet je het likken," zei opa, "heel rustig en met je ogen dicht!" Het meisje ging liggen in de armen van haar grootvader en genoot zichtbaar van elke lik.

Jaren verstreken en het meisje dacht nog vaak terug aan die bijzondere zuurstok. Zo nu en dan kreeg of kocht ze er een, maar geen smaakte er zoals die!

Ik vertelde dit verhaaltje aan een jong meisje en legde uit waarom die zuurstok juist zo lekker geweest was: "Die zuurstok had immers een extra ingredient - hij zat namelijk bordevol met liefde!" Het jonge meisje keek me nadenkend en verlangend aan en zei: "Zijn er daar nog meer van?"

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, maandag, 8 april 2002

GO TO INDEX

 

VLIEGEREN

U kent ze wel de hedendaagse technologen. Mijn vriend was omgeven door allerlei ultra moderne elektronische apparatuur. Velen waren uitvindingn van hem, en steeds weer duwde hij de grens van het mogelijke voor zich uit in het rijk van het vroegere onmogelijke. Toch sloeg de vermoeidheid eenmaal onverwachts en hard toe! Lang veracht, maar nu was het zover! Mijn vriend sliep en droomde. Nee, niet van computers, ... beelden uit zijn verleden speelden door zijn hoofd. Hij zag zichzelf, als een fantaserende jonge jongen, op een ouderwetse dijk met een vlieger - vliegeren! De wind woei door zijn haren, de zon spiegelde op de vlieger en watten dreven voorbij en staken af tegen de strak blauwe lucht. Zo nu en dan zag hij daar een hond, een beer, of een gezicht. De traditionele school was niets voor hem en hij maakte en beklom zijn eigen ladder. Plots schrok mijn vriend wakker. Verbaasd keek hij in het rond naar alles wat hij zo ontworpen had. Voor het eerst kreeg hij een vreemd gevoel - een zekere afkeer van al die knopjes, lichtjes, bieps, berichten, het gezoem en de geur van plastic. Een paar minuten later stapte hij op - hij wist wat hij ging doen! Spoedig stond hij in een bijna prehistorisch winkeltje - zoals hij die vroeger gekend had. "Meneer," vroeg hij het oude glimmende baasje, "heeft u ook een eenvoudige vlieger?" Geheel onverwachts kwam mijn vriend thuis en riep zijn kinderen, die met een "station" bezig waren, en zei: "K om, wij gaan vliegeren." "Vliegeren! Wat is dat?" vroeg een. Snel reed hij naar de groene aarden dijk van weleer - er lag nog een stukje - achter een veel hogere en zwaardere betonnen dijk. Welk jong kind zou het wagen om daar van af te rollen? Spoedig was mijn vriend aan het vliegeren. De lucht was somber grijs, de wind rukte gemeen hard aan de vlieger en de stank sloeg in zijn gezicht. Slechts na enige momenten keek hij om zich heen en zag nog net z'n jongste zoontje weglopen - ,of liever, waggelen. De vlieger werd gestreken en opgerold. "Jammer, hoe is het ... mogelijk!," zei hij. Mijn vriend treurde en had spijt!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, woensdag, 6 september 2000

GO TO INDEX

 

THE UNSEIZABLE LIFE

Recently I attended the prom of students from a high school. One by one the students left late at night the Hilton Hotel. Cars were standing ready ... the one goes this way and another goes that way. In a certain sense that is too bad, but a new day will dawn - in London, Rochester, Calgary, Beirut, etc.. ... This “day” is over!

On a picture there are formally dressed, young persons. They appreciate the moment and look full of confidence and with bright eyes at the camera ... at the future. They like challenges, nice dreams and to start with a, unseizable, new life. It is unseizable seeing that, for instance, happiness is an experience and not a possession.

Those who continually look back are unsuitable for the coming “day.” For the time being that - the consciously looking back, does not cross their minds and therefore they will not do that. Later, when the coming “day” is grey and the day is less suitable than it at the time was expected to be, than they will at times look back. The turret (tank) will be turned, and ... the past “day” lays, just as unseizable, again right in front of them. The nice picture is already there!

HET ONGRIJPBARE LEVEN

Laatst woonde ik een afscheidsfeest bij van leerlingen van een middelbare school. De leerlingen verlieten ’s avonds laat één voor één het Hilton Hotel. Autos stonden klaar ... de één gaat hierheen en een ander daarheen. In zekere zin is dat jammer, maar er breekt toch ook weer een nieuwe dag aan - in London, Rochester, Calgary, Beiroet, etc.. ... Deze “dag” is voorbij!

Op een foto staan formeel gekleede, jonge mensen. Zij waarderen het moment en kijken vol vertrouwen en met heldere ogen naar de camera ... naar de toekomst. Zij houden van uitdagingen, mooie dromen en beginnen aan een, ongrijpbaar, nieuw leven. Het is ongrijpbaar omdat b.v. levensgeluk een ervaring is en geen bezit.

Zij die almaar omkijken zijn ongeschikt voor de “dag” van morgen. Voorlopig komt dat - het bewuste omkijken niet in hun op, en zij zullen het daarom ook niet doen. Later, als de komende “dag” soms grauw is en de dag minder geschikt is dan hij toen scheen te zullen zijn, dan zullen zij wel eens omkijken. Het geschutstorentje (tank) wordt dan verdraaid, en ... de “dag” van toen ligt dan, eveneens ongrijpbaar, weer voor hun. De leuke foto is er al!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, vrijdag, 9 juni 2006

GO TO INDEX

 

KRUISPUNTEN

Bij een paddestoel van de A.N.W.B., stond een van mijn vrienden zich af te vragen waar hij nog naar toe zou fietsen. De ene plaats leek hem wat te ver, het fietspad naar een andere bestemming glooide flink, boven het zuiden hingen grote, donkere wolken en om nu rechtsomkeert te maken, nee, daar had hij ook geen zin in. Zo stond hij te wikken en te wegen, toen het plotseling in hem opkwam dat dat ook een beeld is van het leven. Hoewel hij het niet gezocht had, was hij daar ineens in de greep van de ernst. Hij dacht aan onbekenden, vrienden, familie en aan zijn ouders. Welke wegen - van geboorte tot dood - hadden zij bewandeld? In grote lijnen zag het er vrij somber uit. De één had deze ellende meegemaakt en een ander was er nog beroerder vanafgekomen. Eens hadden zij allen in een wieg gelegen en de meeste vol moed hun eerste stapjes gezet op de aarde, maar wat was hun lot geweest? Wat was er gebeurd met het onbezorgde, jonge leven? Nu begreep hij wat een dove, oude opa hem eens in het oor “gefluisterd” had: “Het leven zou eigenlijk andersom moeten zijn!” Op het eerste gezicht leek hem dat zo gek nog niet, maar ... om het leven te beginnen met een ongeluk, of jaren van verdriet, en van een volwassene een baby te worden ... nee, dat was helemaal niets!
Eensklap werd mijn vriend opgeschrikt en goed wakker geschud door het gebel en geroep van een voorbij fietsend schoffie: “Sta niet zo te suffen op het midden van het pad ... zo kom je nergens ... doorfietsen!”

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, donderdag, 27 april 2006

GO TO INDEX

 

EEN BEELD

Bij een vrij onbekend kasteel in Gelderland staat een héél oud, groot, tijdloos beeld van een wonderschone vrouw. Toen ik daar, zo van een afstand, naar stond te kijken, dacht ik: In welke tijd zou zo iemand eigenlijk passen? Waar denkt ze aan? Het is heel duidelijk dat zij niets gemeen heeft met het platte en aardse - haar hemelse blik geeft daar uitsluitsel van. Tot mijn verbazing stond er op het voetstuk van het beeld, nota bene met grote letters: DE ROMEINSE TIJD. Hoe kon dat bestaan? De Romeinse tijd was juist erg ruw en één van onbeschrijfelijk, barbaars geweld. Het beeld gaf dat niet weer en fungeerde dus als een instrument van een geschiedkundige leugen.

In een opwelling besloot ik dan ook het marmeren beeld direkt aan diggelen te slaan - nee, niet nog eens eindeloos dralen. Precies op het moment dat ik de eerste klap, met een eind hout, zou uitdelen, bedacht ik me: Gemene, grove brokken getuigen van de harde waarheid, maar de waarheid past niet bij die tijd. Het beeld, hoe walchelijk het ook is, is een produkt van die tijd - één en al bedrog!

Schuin achter mij zat een oud mannetje op een bankje en ik besloot om maar even naast hem te gaan zitten. Ik moest toch nog eens goed over het beeld nadenken. Het was een prachtige, rustige dag en daar zaten we dan naar dat valse beeld te kijken. Het duurde echter niet lang voordat er een gesprek tussen ons op gang kwam. Het baasje - naar ik later vernam de baron - vertelde mij waar “hij,” jaren geleden, het beeld uit de Tyrrheense Zee had opgevist en hoe hij het, met grote moeite en veel zorg op een grote vrachtwagen, naar Gelderland gebracht had. Van kenners had hij vernomen dat het beeld bedoeld was als een stil en waardig protest tegen het onbeschofte en onmenselijke van de Romeinse tijd. “In onze tijd denken wij dan aan ... “I have a dream ...” Vindt u het beeld ook niet prachtig?” Sprakeloos zat ik op het bankje. Het eind hout viel uit mijn hand op de grond, en ik stamelde ..... “Ja, ... ja .... dát vind ik ook!” Op slag veranderde ... mijn beeld van het beeld. Op slag veranderde ... ik!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, maandag, 31 juli 2006

GO TO INDEX

 

HET IS MAAR HOE JE HET BEKIJKT

Als je je omdraait ligt het verleden voor je.

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, vrijdag, 9 juni 2006

GO TO INDEX

 

KLIK ... KLAK

In een klein plaatsje staat op de top van een heuvel een prachtige kerk. Zeker als de zon schijnt is de kerk een lust voor het oog - het schittert dan in de zon. In de kerk is een indrukwekkend pijporgel, fijn houtwerk en hangen grote, gesmeden kandelaars. De giften van vele generaties zijn duidelijk zichtbaar.

Twee begaafde jonge musici wilden wel eens, na een avonddienst, in de kerk op het orgel en een trompet spelen. Erg spontaan - zoals dat wel meer bij de jeugd opborrelt - besloten zij op goed geluk naar de kerk te gaan. Na afloop van de dienst stonden zij even met een paar bekenden aandachtig te praten. Juist gedurende die paar minuten had de erg schappelijke organist het orgel op slot gedaan en de kerk verlaten. Vanzelfsprekend waren de twee musici, toen zij zich dat realiseerden, enigszins teleurgesteld, maar zij waren er zich bewust van dat het eigenlijk hun eigen fout geweest was. Als zij er maar één telefoontje aan gewaagd hadden ... . Al met al zat er niet veel anders op dan er het beste van te maken en zodoende zaten zij even later met een handjevol, voornamelijk oudere, leden van de kerk in de zogenaamde koffiekamer aan een tafel te praten. Het ontbrak hun daar niet aan gezelligheid, vriendelijkheid, de nodige chocolaatjes, heerlijke versnaperingen en de prima gezette koffie.

In het donker was de kerk van een afstand heel goed zichtbaar en leek op een fonkellende diamant in de nacht, maar ... het was daar zo stil! Het “U zij de glorie” galmde die Paaszondag niet door lucht, en dat was toch de bedoeling geweest van de musici. Zij hadden echter hun les geleerd en dit zou hun, zo hadden zij zich reeds voorgenomen, niet gauw meer overkomen. Is het verhaal hier mee klaar? Nee, er is tenminste nog één les. ... Sloten hebben toch ook een groot nadeel - zij bepalen ... zij sluiten uit. En juist op die macht zijn sommige mensen erg belust, en zij fungeren dus graag als een autonoom slot. Voorop hun lippen liggen dan ook de woorden: “Ik be ... sluit!”


De kerk op de heuvel ...
Waren er soms teveel “sloten?”
Vindt u deze veronderstelling een te grote stap?
Luister en leer!
Het zal daar spoedig geheel stil zijn ...
De kerk gaat immers (niet vanzelf) ... op slot!
KLIK ... KLAK

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, zondag, 19 februari 2006

GO TO INDEX

 

BEETHOVEN

Not that long ago I went to a play . . . This time it was not a play by William Shakespeare, but one about the life of Ludwig von Beethoven. I was early and decided to spend an hour or so by the water. It was a magnificent day! The water was very still and looked like an immense crystal mirror. In the distance I saw a young boy and girl, Romeo and Juliet, in their canoe gliding through the water underneath a cobblestone bridge. Even more remote, on the other side of the water, were some very beautiful houses dotting the landscape like sparkling diamonds. On occasion, right in front of me, a swan would float by. With her snow white coat and lively eyes, she was a sight to behold - a princess unequaled by anyone else. I was sitting on a bench taking all of this in, while in the distance the music of Beethoven was played. Of course I had heard this piece, “Eroica,” before, but now it was different - a total experience - so impressive and unique. Wasn’t it Haydn who, commenting on a performance, said: “Music will never be the same anymore?”

. . . all of a sudden I realized that an elderly gentleman was sitting beside me. He was wearing a dark suit, had a beautiful white beard, and his eyes were bright and shining. I thought, if the swan looks like a princess, he most certainly looks like a prince! It was obvious to me, from his facial expressions, that this gentleman had intensely observed me for some time. It came then as no surprise to me that, after we had greeted each other, he said: “This is a very nice place and then the music. I have noticed that you . . . that you were immersed in the music.” After I had nodded with my head, he gave me a private lecture - a monologue - as if he was my professor.

. . . “With your permission, Sir . . . Did you see those birds - those sparrows flying out there while we were listening to Beethoven? They were flying in a group, sweeping at random. Suddenly they flew right, left, up, down, and seemingly in whatever direction they chose. For scientists this is a mystery. How does this work? How can they pull off such a feat? The answer to this puzzle can (most likely) be found in realizing that it is a very automated process. A comparison can be drawn to people who play an instrument. Obviously, they don’t think about every key they press or string they pluck - it is done before they know it. In other words, the fingers know what to do while the brain is less involved than when they had to play the piece for the first time. Clearly there is a disconnect. If we take this now one step farther, then it is also possible for you to think, when you are listening to Beethoven, that it is you who are playing. Yes, you can even think that you are the creative genius who’s music is being performed. In a way, you become deeply involved in and learn the thinking processes of Beethoven. This implies that you can become very creative and, for that matter, also very intelligent with relatively little effort.
Is this plagiarism or a form of delusion - grandeur? No, no it is not. Every person daily incorporates knowledge gained from others, and all kinds of unique experiences, into his being. This is what we commonly call learning. So if a person thinks that he is Napoleon, he has to wonder which Napoleon.
If you ask if I can proof all of this, I will say that I have learned that doubters always ask for proof, but, for the rest of us, a healthy brain will do. May I point out that many composers “borrowed,” in different ways, from the works of fellow composers, and that every psychologist has been greatly influenced, for instance, by Sigmund Freud and his thinking processes.”

After this monologue, the “professor” was getting ready to leave. He was reaching for his hat, and was apparently in a rush. However, I still quickly asked him for his name. With a very friendly smile on his face he said: “Who am I? Maybe the better question is ... Who am I - today, tomorrow, seven months from now?” A black Limousine stopped close by, a door opened and on a “carpet” of Beethoven’s amazing music his name flew away.

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, donderdag, 20 october 2005

GO TO INDEX

 

SLECHTS EEN VERHAALTJE?

De verteller vertelde en vertelde.
Ook al speelde hij vaak met de tijd,
Hij raakte het kwijt.
Zijn dagen waren eigenlijk vergaan,
Toch bleef hij nog een jaartje staan.
Plots viel hij om,
Maar niemand gaf er iets om!
-
Zo vertelde een verteller aan een paus
... en ...
Ook hij kreeg ... toen ... applaus!


Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, woensdag, 31 augustus 2005

GO TO INDEX

 

EEN LOTJE UIT DE LOTERIJ

Enige weken geleden zat ik, in Rotterdam op de Lijnbaan, op een bankje. Naast mij zat een oudere heer en een jong meisje met een speelgoed poesje in haar armen. Geheel spontaan vertelde hij mij het volgende:
“.... mijn vader was een heel eenvoudige man - hij was een boertje op de hei in Drente. Ik vroeg mij af, al toen ik heel jong was, wat doe ik hier? Dit is niets voor mij! Jaren later kocht ik op een zekere dag, gewoon voor de lol, een lotje en ... het was werkelijk een lotje uit de loterij! Ik besloot het boerderijtje van de hand te doen en de bloemetjes maar eens buiten te gaan zetten. Zo reisde ik samen met mijn vrouw de hele wereld af. U kunt het haast niet bedenken, of ik ben er zeer waarschijnlijk wel geweest. Jammer genoeg knapte ik er eigenlijk niet eens van op. De hele wereld is door de mensen zo’n beetje platgetrapt. Op de zuidpool zag ik nota bene in de sneeuw een zak van borrelnootjes liggen en bij de watervallen, in Canada, is het helemaal een gekkenhuis. Al na een paar reisjes had mijn vrouw er schoon genoeg van. Zij bracht haar tijd liever thuis door, maar ik sleepte haar, tot zij plotseling overleed, met me mee. Dat was een harde, rake klap voor mij. Pas toen begreep ik wat ik, in mijn dwaasheid, gepresteerd had - niets!
Ongeveer een maand nadien, besloot ik een middagje naar Rotterdam te gaan. Ik werd immers bijna gek van de muren in mijn huis. Niet ver van hier, slenterde ik door een straatje en liep langs een ijskraampje. Ik zag daar een vader met twee kinderen vandaan lopen en dat een kind, aan de overkant van de straat, het toekijken had. Hoe het in mij opkwam weet ik niet, maar ik kocht prompt twee ijsjes en gaf er een weg. Meneer, dat was mijn tweede lotje uit de loterij. In de ogen van dat kind zag ik een geheel nieuwe wereld! ...”
Terwijl wij daar zo op het bankje zaten, vloog een vliegtuig met veel lawaai over ons heen en werd ons gesprek even onderbroken.
Naar het vliegtuig wijzend, vervolgde hij: “... zulke vuile strepen zal ik niet meer trekken. Ik loop de deur van geen enkele kerk plat, maar de (Bijbelse) gelijkenis van de verloren zoon is mij wel bekend - hij verkwiste zijn erfdeel. Als wij nu “ons” deel - de wereld zo liefdeloos verkwisten, waar staan wij dan? ... en wat blijft er voor “onze” kinderen over? Ik vrees van niets!”
Na mij gegroet te hebben, liep hij met zijn lachende kleindochtertje aan de hand weg. Ik hoor hem nog zeggen: “Kom, wij gaan een ijsje ....”

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, dinsdag, 17 mei 2005

GO TO INDEX

 

THE WINDING ROAD

Through the forests and all around

The pavement must go over much rugged ground

Thus is my life
It is full of strife

Running away from the aftermath
A yellow line marks the path

I am guided by a "friend"
I have left a legacy with no end

Over the horizon it will go
Never ending, all will know

Looking around and you will see
People have driven over me

Parents, teachers, and many more
Slamming my face into a shutting door

The light of morning is a sign to a new day.
A day that holds something that none can say.

Matthijs van Gaalen Jr.
Mt. Brydges, March 2005

GO TO INDEX

 

DE KLOK

Hij tikt en tikt

Heen en weer

Slag na slag

Uur na uur

Dag in, dag uit

Jaar in, jaar uit

Hij staat niet stil

Wacht niet

Stopt niet

Twijfelt niet

Geeft niets terug

Loopt maar in het rond

Lijdt naar de dood, vanaf de schoot

Dan deze of gene

Of deze en gene

Ook al blijft hij dan toch nog tikken

Het kan niemand niets vertikken!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, vrijdag, 16 april 2004

GO TO INDEX

 

" DAT ZOU GEWELDIG ZIJN ! "

Niet zo lang geleden bezocht ik, door nieuwsgierigheid gedreven, een optimistclub. Het volgende is mijn relaas.

Toen ik het gebouwtje, van de optimistclub, betrat overviel mij de vlaggenzee. Overal, waar ik ook keek, hingen vlaggen. Het leek wel een vlaggenwinkel! Bij de deur werd ik netjes begroet door een vriendelijke man, die mij al jaren geleden had uitgenodigd om eens te komen. Na wat heen en weer gepraat, vroeg ik hem wat hem nu zo trok in de optimistclub. "Wel," zei hij, "ik ben een optimist en wij zijn hier allen optimistisch. Neem nu mijn vader, die man zag alles somber in ... de economische afgrond, ziektes en oorlogen. Mijn grootmoeder was helemaal zo'n zwartkijker ... de wereld vergaat, verdoemenis, hellevuur en dan dat eeuwige geklaag. Het was niet te geloven - verschrikkelijk!" Medelevend knikte ik mijn hoofd en vroeg hem: "Hoe denkt u dat de wereld er voor zou staan als die twee keer zo groot zou zijn?" "O, meneer sprak hij, "dat zou geweldig zijn!" Gedurende een kwartier, ratelde hij vervolgens een hele lijst van redenen af, waarom het een zegen voor de mensheid zou zijn.
Een paar maanden nadien liep ik weer naar de club. Nee, ik was geen lid geworden, maar mijn vriend had mij gebeld. Hij deed prompt de deur voor mij open en begroette mij uitvoerig - als een die nu ook tot de groeiende schare van optimisten gerekend kon worden. Zoals gebruikelijk spraken wij ook ditmaal eerst over koetjes en kalfjes, maar na verloop van tijd zei ik: "Om even terug te komen op ons gesprek van ... Ik heb nog eens over het een en ander na zitten denken, en vraag me af hoe u denkt dat de wereld er voor zou staan als die de helft zo groot zou zijn?" Met een lach op zijn gezicht, naar ik aanneem veronderstellende dat ik aan geheugenverlies leed, sloeg hij mij op de schouder en zei: "Daar hebben wij het toen toch over gehad! O, meneer, dat zou geweldig zijn! ....."

P.S. Dit verhaal berust alleen op fantasie.

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, woensdag, 3 december 2003

GO TO INDEX

 

HET LINTJE

Het was weer feest! In het centrum van de belangstelling stond Pa. Hij was een overwinnaar - een held. Pa schitterde aan alle kanten! Slechts enige minuten geleden had hij namelijk een lintje ontvangen, zij het uit handen van de burgemeester, maar dan toch namens Hare Majesteit! Het geklap wist van geen ophouden! Zo stond Pa daar dan, tussen een glunderende burgervader en een bewonderende echtgenote, voor de genodigden en belangstellenden. In een avond was Pa omgetoverd van een verscholen anarchist in een overtuigde monarchist!

Het was een goed jaar geweest voor Pa. Na 35 jaar trouwe dienst bij een lampen fabriek had Pa het jaren geleden op zich genomen om zijn, door omstandigheden afgebroken, studie voort te zetten. Wat bewoog hem om verder te gaan? "Wel," zei Pa, "Je kan niet stil gaan zitten!" En, inderdaad, gelijk had hij. Het een en ander werd besproken met zijn vrouw en spoedig zat Pa te studeren. Vele nachten brandde het licht in het zolderkamertje. Voor zij naar bed ging bracht vrouwlief plichtsgetrouw iedere avond nog een kopje thee met een koekje. Pa hield immers toch zo van krakelingetjes. Hij rustte niet, Pa zwoegde en ploeterde voort! Eerder dit jaar promoveerde uiteindelijk Pa en ook toen was zijn blijdschap groot geweest.

Na de indrukwekkende receptie werden Pa en Ma in een schitterende auto naar huis gebracht. Het was laat en tijd om naar bed te gaan, maar Pa (67) kon zo een, twee, drie niet in slaap vallen. In zijn keurig gestreken streepjes pyjama ging hij nog even naar zijn zolderkamertje. Het licht ging aan en Pa keek triomfantelijk naar de boeken en vele paperassen, totdat zijn blik op een familie foto viel. Zie, ik ben toch heel bijzonder ... dacht Pa, terwijl hij zo naar zijn ouders keek. Genoegzaam schoof Pa onder de lakentjes. Morgen ... ach wat gaf het, het doel was immers bereikt. De burgemeester had het zo accuraat gezegd: " ... een bijzonder ... " Pa stond op en prees zich gelukkig die dag; zijn schoonzoon was een speciaal eikehouten kastje aan het maken voor de zeldzame decoratie en er was op stel en sprong een lederen fotoalbum besteld. Pa verwachtte dat er een foto van hem in de krant zou staan, en dat was ook het geval, maar de kop van de krant ...

Computer krijgt een lintje!
Een onlangs geinstaleerde super comp. etc..
Pa's gezicht werd bleek, zijn wereld stortte ineen - vader, moeder, 35 jaar, zolderkamertje, kouwe thee, krakelingen en monarchist?.... - het was geen feest meer!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, dinsdag, 30 januari 2001

GO TO INDEX

 

OPROEP

Van mijn toren kon ik een bolle, zwarte hoed op twee oren bekoren.

Hij had ook twee benen, en is nu verdwenen.

Ik had die bolle, zwarte hoed kunnen kopen, maar heb het laten lopen.

Nu zit ik met de spijt, hopelijk slijt dat met de tijd.

Indien u echter goed nieuws hebt te vertellen, wilt u mij dan even bellen?


Matthijs van Gaalen Sr.
Mount Brydges, woensdag, 16 mei 2007

GO TO INDEX

 

OVER DE PADEN ...

Over de paden van ons leven, komen wij soms het verleden tegen.

De ene keer worden wij beproefd en bedroefd.

Een andere keer zijn wij vrij en blij.

Mogen wij voor het verleden buigen

en

,vooral zelf,

van het goede getuigen!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mount Brydges, zondag, 18 februari 2007

GO TO INDEX

 

I WILL ...

Recently I went to Canada Mall. Near a rather small stand stood a lady in a labcoat. She approached me and asked if I wanted to have my hands washed with a special product. Somewhat reluctantly, I agreed and soon a scoop of paste was laying on one of my hands. According to the lady the product was made with salt from the Dead Sea. After I had rubbed my hands, with the wet mixture, she rinsed them with some spray above a bowl. “Sir,” she said, “look at all the dead skin (floating in the bowl)! You can wash your hands with this product daily. Don’t they feel soft? I have a jar, which will cost you $35.00." Pointing at my wedding ring, she continued, “I see that you have a wife and you can thus share it with her!”
With a smile, I replied: “Sharing? Oh, no!”
“Well,” she said, “I can give you two jars for the price of one, and then you can give one to your wife.”
“Sharing? Oh, no! I am not in the sharing business!” I said.
Apparently, the lady didn’t know what to make of it and made a last ditch effort to sell to me the special product. With a questioning look - are you going to buy? - she said: “Sir, you can use it just once a week!”
With a broad smile, I replied: “I will come back ... next week!”

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, zondag, 26 november 2006

GO TO INDEX

 

WHO KNOWS ?

Yesterday evening, Caroline and I went for a walk in London. All of a sudden I noticed, just above the surface of a lawn, a sign on which a familiar name was written, Greene. While pointing at the sign, I said: “Greene!, Greene!,” and I thought: Who could that be?, pest control? (This lawn has been sprayed by ... with ...) When I came a few steps closer to the sign, I could read the complete text ...

VOTE HARRY GREENE MAYOR

Apparently it is election time, and maybe, just maybe, it is, after all, about ... “pest” control!

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, zondag, 17 september 2006

GO TO INDEX


EEN TENTAMEN

Daar zaten zij met sombere gezichten over een tentamen gebogen. Allen waren het hele goede studenten en met hoge verwachtingen waren zij aan het tentamen begonnen, maar al spoedig was de moed hun in de schoenen gezonken. Ondanks het feit dat het hun laatste tentamen van het jaar was, stond er, vanwege de toegekende waarde, toch nog heel wat op het spel. Eén van de studenten had het blijkbaar zo voor gezien gehouden. Na slechts enkele woorden op papier gezet te hebben, had hij zijn tentamen ingeleverd. Andere studenten wisten er ogenschijnlijk ook geen raad mee, daar zij voor zich uit zaten te staren. Mogelijk hoopten zij op dat ene, heldere moment of durfden zij het niet aan om de pen neer te gooien en zo publiekelijk de zaal uit te lopen. in dat geval zouden andere studenten immers regelrecht weten hoe de zaken er voor stonden. Na het tentamen heerste er een slechte en zenuwachtige stemming onder de studenten. In dat opzicht hielp de klok bepaald niet - de dagen kropen voorbij. Een week na het tentamen besprak de professor het met de studenten. De sfeer was tot een uitzonderlijk dieptepunt gezakt en zodoende was die dan ook in de collegezaal om te snijden. De hoogleraar maakte, totaal tegen de verwachtingen in, een rustige indruk en nam zoals gewoonlijk het woord. Hij zei, onder andere, het volgende: Ik weet dat jullie erg begaafde studenten zijn en met veel zelfvertrouwen, enzovoorts aan dit tentamen begonnen. Het probleem, dat ik jullie heb voorgelegd, is zeer ingewikkeld. Tot nu toe heb ik niet het minste idee hoe ik er aan zou moeten beginnen, laat staan dat ik er al de oplossing voor gevonden zou hebben. Zo vergaat het ons soms in het leven - het is nu één keer niet anders. Toen ik zag dat één student, na niet meer dan enige minuten, zijn pen neerlegde en de zaal verliet, was ik benieuwd wat hij op mijn vraag - Hoe zou jij dit probleem benaderen en trachten op te lossen? - geschreven had. Op zijn papier stonden slechts een paar woorden, maar mijns inziens geheel juiste ... "Daar moet ik, om te beginnen, over nadenken."

Matthijs van Gaalen Sr.
Mt. Brydges, vrijdag, 1 juli 2011

GO TO INDEX

 

 

This page was last updated on 01/11/2016 .
The owner of the web site does not assume
responsibility for typographical errors.
This page is copyright ©2003-2014,
Diana van Gaalen.